De academie

1950 - 1979: Herstructurering

Door de oorlogsjaren was de band tussen de Bond Nederlandse Architecten (BNA) en de VHBO sterk verbeterd. In de naoorlogse periode waren wederom veel goed geschoolde vakmensen nodig. Om  het beroep van architect te beschermen tegen beunhazen was het noodzakelijk dat deze beroepsgroep sterk kon uitbreiden.

In een rapport kwam de BNA met de aanbeveling de Technische Hogeschool en het VHBO, na het aanbrengen van de nodige veranderingen, beiden volwaardige scholing tot architect zouden bieden. De jaren daarna werd gewerkt aan de herstructurering van het VHBO in het vaststellen van een gedegen leerplan. Frappant was dat het vak stedenbouw voor slechts acht uur per jaar voor het hbo op het rooster stond. Een situatie die in de tien volgende jaren rigoureus zou wijzigen en leidde tot de oprichting van een aparte cursus Stedenbouw in 1957.

Aan het eind van de jaren jaren vijftig kwam de academie internationaal in het brandpunt van de belangstelling te staan toen Aldo van Eyck lesgaf. In het tijdschrift Forum, waarvan het redactieadres hetzelfde was als dat van de Academie, bracht hij niet alleen zijn eigen ideeën en projecten naar buiten, maar werd ook het werk van studenten en docenten als Hertzberger, Blom, Dam en Van Stigt gepubliceerd. Men kan dan ook stellen dat de academie in die tijd aan de basis stond van het Nederlands Structuralisme.

In 1964, onder directie van Dic. Slebos, werd het gehele leerplan gewijzigd. De opleiding werd in twee hoofdrichtingen opgesplitst: Architectuur en Stedenbouw. Na afronding van de studie kon men zich architect HBO noemen. In 1972 werd nog een derde studierichting ingesteld: Tuin-en Landschapsarchitectuur.

Eind zestiger jaren ontkomt ook de academie niet aan de democratiseringsgolf. Studenten eisen meer zeggenschap. Bestuur en docenten gaan uiteindelijk akkoord met wijzigingen in het lesprogramma. Sterker nog, uiteindelijk wordt het hele leerplan overboord gegooid en wordt het blanco lesrooster ingevoerd. Ook het diploma wordt van ondergeschikt belang. Wie de behoefte voelt, mag zich laten diplomeren. En opnieuw laait de discussie op over de kwaliteit van de opleiding. De ‘discussie Q’, aangewakkerd door Sjoerd Soeters, resulteerde uiteindelijk in het ‘stroomlijnen’ van het vrije studiemodel.