Hanna Prinssen

Hanna Prinssen

A FIRE-SCAPE

Vuur was altijd een belangrijk onderdeel van het natuurlijke proces in de bossen van Noord-Amerika. De indianen speelden hierbij een belangrijke rol in het opzettelijk aansteken van deze branden. Deze gecontroleerde branden droegen bij aan de openheid van het landschap om beter te kunnen jagen en verzamelen. Er ontstond een ‘ongerepte’ wildernis, wat een resultaat was van incidentele, beheerde branden die een mozaïek van graslanden en bossen in heel Noord-Amerika creëerden.

Met de komst van de Engelse kolonisten in 1850 en de bouw van huizen, wegen en sporen was vuur niet langer gewenst als onderdeel van deze bossen. Door decennia lange programma’s van brandbestrijding en preventie zijn de ecosystemen drastisch veranderd in deze bossen en zijn er dichte bomenstanden ontstaan zonder diversiteit. Dit in combinatie met de verandering in het klimaat, leidt tot extreme bosbranden. In California worden huizen gebouwd in of in de buurt van bossen die vatbaar zijn voor branden. Dit betekent dat het ons leven bedreigt en letterlijk een ‘hot topic’ in het nieuws is geworden.

Deze programma’s die gericht zijn op het beschermen van de bebouwde omgeving tegen brand werken dus averechts, maar wat als er een andere aanpak is? Net als in Nederland bijvoorbeeld waar we ons verdedigen tegen het water door dijken, zeeweringen en duinen te bouwen. Nu worden nieuwe ideeën getest, om ruimte te geven aan het water. Dit leidt tot nieuwe landschappen en nieuwe vormen van veerkracht. Dus in plaats van de verdedigingslinies tegen branden te versterken, moeten we mogelijk met vuur ontwerpen op een vergelijkbare manier zoals we de water problematiek behandelen.

Dit project grijpt terug naar het gemodificeerde vuurlandschap uit het verleden en zoekt naar een combinatie van kennis van vuur en de Nederlandse aanpak op het water. Door opnieuw een productief ‘vuurlandschap’ te introduceren waarin in hout wordt geproduceerd, ontstaat een economische drager en een aangepast mozaïek landschap waarin vuur onderdeel is van het ecologische proces. Niet alleen de bosstructuur wordt aangepakt, maar ook de lagen water, wonen, recreatie en de vuurinrichting. Zo ontstaat er een integraal plan dat is ontworpen om ruimte te maken voor vuur, maar de veiligheid van de inwoners waarborgt.

Om veilige woongebieden te creëren is de zogenoemde ‘vuurdijk’ is ontworpen. Deze is strategisch gelegen langs de rand van de bergkammen. Op de ‘vuurdijk’ wordt de 1-2 meter dikke toplaag afgehaald, waardoor het (graniet)gesteente bloot komt te liggen. Dit zorgt ervoor dat er in deze zone geen brandbaar materiaal kan groeien en de branden uit het ‘vuurlandschap’ worden gestopt. Naast deze veiligheidsfunctie is het een prachtig element in het landschap op het contrast tussen veilig en onveilig en kan men vanuit hier genieten van de spanning van vuur.

Het doel van het project is een nieuwe kijk op vuur als onderdeel van het landschap. In de toekomst zal brand door de klimaatverandering een prominenter onderdeel van het landschap worden. In deze verandering van het landschap spelen landschapsarchitecten een prominente rol bij het ontwerpen van nieuwe veerkrachtige landschappen en het voorbereiden van de samenleving op een leven met vuur.

Afstudeercommissie: Yttje Feddes (mentor), Joyce van den Berg en Gert-Jan Wisse. Toegevoegde leden t.b.v. het examen: Nikol Dietz en Ruwan Aluvihare.
 

Terug naar lijst
Delen