Meerstemmigheid in de Kunsten

Meerstemmigheid in de Kunsten is een etnografisch onderzoeksproject dat bestudeert hoe diversiteit wordt begrepen, toegepast en ervaren binnen academische omgevingen — en in het bijzonder binnen de kunsten. Hoewel diversiteit en inclusie inmiddels centrale waarden zijn geworden binnen veel instellingen, stelt dit project de vraag welke vormen van pluraliteit deze initiatieven werkelijk bevorderen, en welke vormen van pluraliteit onbedoeld juist worden beperkt.

Diversiteitsinitiatieven zijn gericht op het aanpakken van maatschappelijk onrecht, het waarborgen van gelijke kansen en het creëren van inclusieve ruimtes. Tegelijkertijd zou het principe van diversiteit binnen academische omgevingen ook een brede mix van perspectieven, ervaringen en praktijken moeten beschermen. Dat is belangrijk, omdat nieuwe en verrassende ideeën vaak ontstaan waar verschillen elkaar ontmoeten of met elkaar botsen. Het in stand houden van deze pluraliteit als een generatieve kracht binnen academische ruimtes wordt echter steeds uitdagender. Door top-down censuur vanuit institutionele actoren, maar ook door subtielere of meer laterale vormen van het monddood maken door peers of collega’s, ervaren wetenschappers en kunstenaars vandaag de dag toenemende druk om potentieel afwijkende meningen of perspectieven te onderdrukken. Na verloop van tijd kunnen deze dynamieken ertoe leiden dat mensen zichzelf inhouden, bepaalde onderwerpen vermijden of afzwakken wat ze werkelijk denken. Wanneer dit normaal wordt, kan het de bandbreedte van ideeën die circuleren verkleinen en zowel de creatieve als de maatschappelijke relevantie van wetenschap en kunst verzwakken. 

Viewpoint Diversity in the Arts is een etnografisch onderzoeksproject dat verkent hoe monddood maken en zelfcensuur zich ontvouwen binnen academische ruimtes, hoe zij die ruimtes mede vormgeven, en hoe het voelt om dit van dichtbij mee te maken (de geleefde ervaring van wetenschappers die merken dat hun stem wordt ingeperkt, aangepast of ronduit tot zwijgen wordt gebracht). Met een mixed-methods benadering, een combinatie van enquêtes, open kwalitatieve interviews en (auto)etnografisch veldwerk, onderzoekt de studie situaties waarin wetenschappers en kunstenaars zich inhouden in de klas, binnen onderzoekscontexten of in publiek werk, en momenten waarop zij dat juist niet doen. Door aandacht te besteden aan wat wordt uitgesproken, wat onuitgesproken blijft en waarom, laat dit project zien hoe institutionele cultuur, groepsdruk, sociale verwachtingen en politieke gevoeligheden de contouren van spreken en zwijgen vormgeven. Hoewel vrije meningsuiting en academische vrijheid politiek beladen en polariserende onderwerpen zijn geworden, beschikken we nog steeds over beperkte kwalitatieve inzichten in de concrete processen die de zelfexpressie van wetenschappers en kunstenaars sturen. Een etnografisch verankerde benadering biedt een belangrijk venster op de geleefde ervaring van deze processen. 

Zowel in opzet als in ethische motivatie is het project geïnspireerd door Adam Smiths idee van de concentrische cirkels van sympathie. Centraal staat een gedetailleerd, ervaringsnabij etnografisch en auto-etnografisch verslag van de geleefde ervaring van zelfcensuur. Dit wordt geplaatst in een bredere context van interviews en enquêtes, en in de maatschappelijke, politieke en ethische debatten over spreken en censuur vandaag de dag. Smith laat zien dat morele betrokkenheid zich in cirkels uitbreidt: de band is het sterkst met mensen die dichtbij ons staan, en verzwakt naarmate de afstand groter wordt. Dit inzicht sluit aan bij de ambitie van het onderzoek om ruimtes te creëren waarin communicatie over verschillen heen mogelijk wordt. 

Conceptueel vraagt het project niet alleen hoe monddood maken en zelfcensuur individuele creativiteit beïnvloeden, maar ook hoe ingeperkte expressie relaties binnen academische gemeenschappen hervormt. Het benadert kennisproductie en artistieke praktijk als diep sociaal en collaboratief. In bredere zin onderzoekt de studie hoe diversiteit binnen academische settings wordt gedefinieerd en in praktijk wordt gebracht: voor welke soorten verschillen de huidige diversiteitscommitments ruimte maken, en welke soorten verschillen daar nog steeds buiten vallen. Het overkoepelende doel is academische culturen te ondersteunen die zowel inclusief als intellectueel open zijn, en die constructief debat over verschillen heen mogelijk maken. 

Het project wordt uitgevoerd door dr. Nofit Itzhak. Het sluit nauw aan bij het project Hybrid Public Spaces, dat de impact van digitale technologieën en deelname aan sociale media op fysieke publieke ruimtes onderzoekt. Beide projecten delen een zorg over de manieren waarop digitale ruimtes, en met name sociale media, menselijke socialiteit beïnvloeden, bijvoorbeeld doordat platformalgoritmen echokamers creëren, polarisatie versterken en blootstelling aan verschil verminderen. 

Tot de langetermijnresultaten van het project behoren publicaties over zelfcensuur in de academische wereld, evenals een geredigeerde bundel die antropologische methoden in gesprek brengt met onderzoek binnen de kunsten. Het project zal ook trainingsmaterialen ontwikkelen over het toepassen van etnografische en auto-etnografische benaderingen in ontwerp- en kunstonderwijs. Als onderdeel van de disseminatie-activiteiten organiseerde het project een conferentiepanel met de titel Speaking of Silence: Negotiating Speech in a Polarized World voor de EASA van dit jaar (juli 2026). Een aanvullende workshop, georganiseerd bij de AHK, zal zich richten op actuele ideologische frictiepunten die praktijken van monddood maken en zelfcensuur in de academische wereld beïnvloeden. Daarnaast zal het project een trainingsprogramma ontwikkelen voor academici dat pluralisme benadert als een praktische vaardigheid die te trainen is.

Delen