Gitaar

Bij het hoofdvak gitaar is er aandacht voor jazz uit alle perioden. De student wordt gestimuleerd zijn eigen stijl te vinden. Belangrijk daarbij is de mogelijkheid van verschillende hoofdvakdocenten les te krijgen en in uiteenlopende ensembles te spelen (latin, fusion, enz.). 

Het docententeam bestaat uit Maarten van der Grinten, Martijn van Iterson, Martien Oster, Jesse van Ruller en Edoardo Righini. Een greep uit de gastdocenten: Jim Hall, John Scofield, Mike Stern, Leonardo Amuedo en Peter Bernstein.

undefinedOpbouw studieprogramma en studiepunten

Coördinatie: Maarten van der Grinten

Flash is required!
Flash is required!
Flash is required!
Flash is required!

studiegids

Download hier de undefinedStudiegids Bachelor Jazz 2013-2014

Docenten

Maarten van der Grinten coördinator
Martijn van Iterson
Martien Oster
Jesse van Ruller
Edoardo Righini techniek, methodiek
Lydia Kennedy bijvak klassiek
Erik Vaarzon Morel flamenco

Toelatingseisen

Voorselectie
Vanwege het grote aantal aanmeldingen dat we ieder jaar ontvangen, vindt er dit jaar ook voor de in Nederland wonende kandidaten een voorselectie plaats.
De procedure is als volgt: op 22 april 2014 word je verwacht voor een theorie/solfègetest. Als de uitslag daarvan voldoende is, word je ingedeeld voor een praktisch examen in mei of juni. Is de uitslag onvoldoende, dan is je niveau helaas onvoldoende om aan een conservatoriumstudie te beginnen; je wordt dan niet opgeroepen voor een praktisch toelatingsexamen

Tijdens het toelatingsexamen word je getoetst op:

Speelvaardigheid
1. Repertoire: De commissie maakt een keuze uit drie door de kandidaat voorbereide stukken, waaronder bijvoorkeuréén (jazz-) blues en minstenséén stuk uit het standaard jazzrepertoire. Van het laatstgenoemde stuk dient de kandidaat de melodie zuiver enéénstemmig te spelen (single string, geen akkoordarrangement).Elk stuk moet thema, improvisatie en begeleiding bevatten. De kandidaat wordt hierbij begeleid door een van de gitaardocenten (tenzij de kandidaat eigen begeleiding meegenomen heeft). In verband met de korte tijdsduur van het examen (30 minuten) behoudt de commissie zich het recht voor een stuk te onderbreken.
2. Techniek: uit de gespeelde stukken moet blijken dat de kandidaat beschikt over een redelijke akkoordenkennis en dat hij/zij de majeur- en mineurtoonladders in positie beheerst. Indien nodig kan de commissie ernaar vragen. De studie gaat in principe uit van spel met plectrum. Als de kandidaat niet met plectrum speelt, moeten de mogelijkheden worden bekeken. Het niveau van het melodiespel (single string) is hierbij van belang.

Gehoor en leesvaardigheid
Onderdelen hiervan zijn:
* op het gehoor naspelen van een voorgespeelde lijn
* het op gehoor meespelen met een voorgespeelde harmonische progressie zonder dat hierover enige aanwijzing wordt verstrekt
* het spelen van een uitgeschreven melodie; na een korte voorbereiding ook in positie
* het spelen van en improviseren over een harmonische progressie aan de hand van akkoordsymbolen

De commissie kan het examen met enkele oefeningen aanvullen als ze meer informatie over de kandidaat wenst.

Beoordeling
De mogelijkheden om een hoofdvakstudie te volgen worden door de commissie besproken. Er wordt gelet op o.a.
1. muzikaliteit, gehoor en melodisch inzicht
2. gevoel voor ritme en tempo
3. affiniteit met jazz en/of afgeleide muzieksoorten 

maar hiernaast ook op
1. harmonisch inzicht
2. techniek, toonvorming
3. het niveau van van blad spelen

emailFacebookTwitterLinkedinGoogle+